Speciale zorg voor kinderen met specifieke behoeften
In Boxtel onderhouden alle basisscholen nauwe contacten met elkaar binnen het samenwerkingsverband Pluralis. Binnen dit samenwerkingsverband wordt uitvoering gegeven aan het project Weer Samen Naar School (WSNS). Dit heeft als doel om kinderen die extra zorg en begeleiding nodig hebben, zoveel mogelijk op een reguliere basisschool te houden. Het gaat om leerlingen die gedragsproblemen of moeite met leren hebben. Dit zijn bijvoorbeeld leerlingen met ADHD, dyslexie of bepaalde vormen van autisme. Ook hoogbegaafde leerlingen hebben vaak extra aandacht nodig.
Wanneer echter blijkt dat wij als school een kind niet de zorg kunnen bieden die het nodig heeft,
zal bekeken worden welke school voor het Speciaal Onderwijs (SO) of Speciaal Basis Onderwijs (SBO) dit wel kan. Een dergelijk besluit wordt nooit lichtvaardig genomen, er ligt dan al een intensieve periode met handelingsplannen, remedial teaching, interne begeleiding, externe onderzoeken etc. en veel overleg met ouders/ verzorgers achter ons.
In voorkomend geval is er de Permanente Commissie Leerlingenzorg (PCL) die bepaalt of een kind toelaatbaar wordt geacht voor het SBO. Hiertoe geeft zij een tijdelijke of permanente beschikking af. Waar mogelijk zal er naar gestreefd worden om kinderen terug te plaatsen in het reguliere basisonderwijs.
Kinderen met een lichamelijke, zintuiglijke, of verstandelijke beperking of met ernstige gezondheids- of gedragsproblemen zijn geen doelgroep van WSNS. Deze leerlingen kunnen naar een school voor speciaal onderwijs (so) of ze kunnen met leerlinggebonden financiering (het rugzakje) naar een reguliere basisschool , dus ook naar onze school.
Leerlinggebonden financiering
Kinderen krijgen een leerlinggebonden financiering, omdat zij een bepaalde handicap of leer- en/of gedragsproblemen hebben. Doorgaans gaan deze kinderen naar een school voor speciaal onderwijs, maar met de extra middelen kunnen zij, mits de school in staat is de extra zorg te bieden, ook naar een reguliere basisschool.
Wanneer ouders / verzorgers een kind aanmelden dat in aanmerking komt voor leerlinggebonden financiering zal de school samen met de ouders de hulpvraag van hun kind bespreken. De school zal vervolgens afwegen of, met de extra middelen die beschikbaar worden gesteld, aan die hulpvraag tegemoet kan worden gekomen. Centraal hierbij staat het belang van het kind. Dat is het criterium van waaruit wordt bezien of de school voldoende en passende mogelijkheden heeft om het ontwikkelingsproces van het kind te ondersteunen. De school maakt bij de afweging om een kind wel of niet toe te laten gebruik van de kennis en ondersteuning binnen het samenwerkingsverband Pluralis en een Regionaal Expertisecentrum.
Wanneer een kind wordt toegelaten wordt een handelingsplan opgesteld dat ieder jaar minimaal één keer wordt geëvalueerd. Aan de hand van die evaluatie zal steeds opnieuw de afweging worden gemaakt of het verantwoord is het kind op school te laten. Als de school naar haar inzicht de grenzen in de mogelijkheden om het kind goed te begeleiden heeft bereikt, dan zal ook dat met de ouders / verzorgers worden besproken.
Persoonsgebonden Budget
Het Persoonsgebonden Budget (PGB) is een budget dat uit de algemene wet bijzondere ziektekosten (AWBZ) wordt vergoed en is bedoeld voor zorg. Het is geen onderwijsvoorziening en kan dan ook niet gebruikt worden voor onderwijs. Wel kan een PGB soms aangewend worden om op een school verzorging te regelen die de (reguliere) school niet zelf kan bieden. Die hulp moet ingekocht worden door ouders / verzorgers en kan in school worden gegeven. Het gaat dan bijvoorbeeld om hulp aan een rolstoelleerling bij de toiletgang.
Een PGB kan aangevraagd worden bij het Centrum Indicatiestelling Zorg (CIZ).
Externe ondersteuning
Binnen de school zijn veel kwaliteiten aanwezig om het onderwijs voor de kinderen zo optimaal mogelijk te maken. Toch kunnen zich situaties voordoen waarbij hulp van externe deskundigen gewenst is. Op het gebied van leerontwikkeling bijvoorbeeld kan een orthopedagoog een onderzoek verrichten. Op het gebied van gedrag of sociaal-emotionele ontwikkeling kan de kinder - en jeugd psychiatrie ingeschakeld worden.
Een schoolarts, schoolmaatschappelijk werker, dokter, sociaal verpleegkundige, fysiotherapeut of logopedist zijn ook mogelijke externen.
Zorgteam
Iedere 6 weken is er op school een overleg binnen het zogenaamde Zorgteam waarin de interne begeleider haar specifieke hulpvragen stelt. Het Zorgteam bestaat uit de interne begeleider, de schoolmaatschappelijk werker en sociaal verpleegkundige. Als dit Zorgteam geen antwoord kan vinden op de gestelde zorgvraag kan het ZorgAdviesTeam ingeschakeld worden. Het Zorgteam wordt dan verder uitgebreid met externe deskundigen zoals Jeugdzorg of de orthopedagoog van het samenwerkingsverband Pluralis.
Visualisatie van het zorgsysteem op De Spelelier:
|
|